Urker Zanger voor het voetlicht: Kersteditie!

Al bijna drieënvijftig jaar is hij lid van de Urker Zangers. Hij maakte de oprichting mee, en ging mee op de reizen naar Amerika, Denemarken en Wales. We zijn deze middag op de koffie bij Albert Post om te praten over zijn liefde voor het koor, de vriendschap, familie en werk en zijn leven.

In gesprek met Willem de Vries.

Hoe is bij jou de liefde voor het zingen ontstaan?

Ik ben begonnen met zingen bij gemengd koor Excelsior o.l.v. Louwe Kramer, in Irene. Dit was de grootvader van Louwe Kramer van Crescendo.  Ook heb ik toen nog een half jaar bij Crescendo gezongen, dit was voor mijn diensttijd. Na mijn diensttijd ben ik getrouwd met Grietje, toen was er van zingen nog geen sprake.

Hoe is het begonnen bij de Urker Zangers?

In 1968 ben ik door mijn vriend Luut Kamper gevraagd om eens bij de Urker Zangers langs te komen. De repetitie was destijds in het Hervormd centrum. Na  de eerste repetitie ben ik er altijd opgebleven. Later gingen we naar Amerika, dit was zeer interessant. de tweede keer naar Amerika was mijn vrouw Grietje ook mee. uit die groep is toen een vriendengroep ontstaan van een man of twaalf, waarvan er nu al vijf overleden zijn. Deze groep is altijd bij elkaar gebleven. We komen nog vaak bij elkaar met Albert Metz en zijn vrouw en Jean de Heus. Velen zijn er inmiddels al overleden, bijvoorbeeld Willem Pasterkamp, Jaap Koffeman en Jaap Trapman.

Ik heb me altijd thuis gevoeld bij de Urker Zangers. Het is echt een vriendengroep. Ik mis het nu in deze tijd heel erg. Dat is erg jammer, dat je in deze tijd zoveel contacten moet missen.

De vriendengroep van de Urker Zanger met bovenaan v.l.n.r. Albert Metz, Sietz Koopmans, Jean de Heus, Albert Post en Jaap Koffeman en onder de vrouwen.

Hoe was het vroeger bij jullie thuis?

We waren met negen broers en zussen thuis. Veel van hen zijn al lang overleden. Mijn vader was visserman. Ik ben timmerman geworden. Ik was twaalf jaar toen ben ik in de bouw begonnen. Ik kon niet terecht op de ambachtsschool, want die zat vol. Mijn moeder is toen naar een aannemer Schraal gegaan of ik daar niet terecht kon. daar kon ik toen komen. Daar werkte ik vijftig uur in de week voor twee gulden vijftig per week. Dit heb ik tot aan mijn diensttijd gedaan. Daarna ben ik bij Lamert Post in de scheepsbetimmering gegaan. Later ben ik voor mezelf begonnen. Toen heb ik een schuur gekocht en helemaal verbouwd als winkel. Later ben ik zelf jachten gaan bouwen en sleepboten intimmeren. Dit heb ik tot mijn vijfenzestigste gedaan en toen heeft mijn zoon Klaas het overgenomen. En die is in de snelle boten gegaan en doet het nu ook erg goed. Toen heb ik met mijn vrouw Grietje mijn huidige woning gekocht en zijn  we daar gaan wonen. Daar hebben we nooit spijt van gehad.

Toen overleed plotseling je vrouw.

Ja dat was een hele klap. Zij was echt de samenbindende factor met de kinderen. Dit is nu alweer 3,5 jaar geleden. We hebben een goed leven samen gehad. En dan moet je alleen verder. Ik ben gelukkig nog vrij gezond. Ik heb een hometrainer en doe vaak nog een kuiertje over de haven. Ik heb ook net mijn rijbewijs weer voor vijf jaar verlengd dus ik kan gelukkig nog vooruit. De hele dag luister ik thuis naar Classic FM.

Hoe werd vroeger de kerst gevierd thuis?

Dat werd bij ons sober gevierd. Kerstconcerten had je in die tijd nog niet. Vroeger als gezin was er niet zo’n samenhang. Later heb ik meer een band opgebouwd met sommige zusters en broers.

Albert met zijn broers en zussen.

Je hebt ook altijd veel gereisd?

Ja, toen ik voor mezelf ben begonnen ben ik voor het eerst naar Nieuw Zeeland geweest. Ik was erg onder de indruk van de houten huizen daar. We vonden het daar geweldig, Grietje ook. Toen hebben we aangevraagd om te emigreren. Maar ja, toen moest ik de zaak verkopen en dan moest ik ook afrekenen met de belasting. Dan zou er weinig overblijven, dus uiteindelijk hebben we daar maar van afgezien. Ik ben later wel een keer of vijf naar Nieuw Zeeland geweest. Mijn dochter Lammy is later wel daar naartoe geëmigreerd. Ze is daar toen ook getrouwd.  Twee jaar geleden ben ik er voor het laatst geweest. Maar toen was ik niet erg fit, en verdaagde ik daar bij een dokter. Na onderzoek kwam eruit dat ik een pacemaker moest hebben. Toen heb ik daar een paar weken in het ziekenhuis gelegen.

Wat waren nu de hoogtepunten met de Urker Zangers?

Dat waren toch wel de reizen naar Amerika en later naar Denemarken, met Roelof Elsinga. Daar heb ik prachtige herinneringen aan. Ik heb altijd graag mogen zingen. Als jongetje zat ik in de kerk al voluit mee te zingen, en dat is zo gebleven.

Heb je toen ook nog met de opnames van de zeemansliedjes meegedaan.

Jazeker, op die kotter daar zat ik ook op. Dat was ook een mooie tijd.

Heb je nog speciale herinneringen aan dirigenten?

Ik vond Roelof Elsinga ook een bijzondere dirigent. Hij had er stevig de wind onder. Jacob Schenk vind ik het heel goed doen.

Hoe maak je deze tijd door.

Erg jammer dat we geen kerstconcerten hebben. Gelukkig hebben we nog kerstmuziek op de cd’s.

Wat vind je het mooiste nummer van ons repertoire?

Dat is psalm 119, we hebben dat altijd gezongen en zingen dat nog steeds. Op bepaalde momenten begint het gewoon te jubelen, vooral in vers 86 “Dan vloeit mijn mond steeds over van Uw eer”. Dan wordt de koorzang een jubelzang!

Ondertussen komt de koffie op tafel met een urker dikkertje.

Albert wil ook nog op de foto met het portret van zijn vrouw Grietje. Het portret is omringd door beeldjes van zangers en muzikanten. Grietje had ook altijd een hart voor het koor en heeft me er altijd in gesteund en gestimuleerd.

We nemen afscheid van Albert en bedanken hem voor het mooie en gezellige gesprek en hopen elkaar spoedig weer te zien op de repetitie.

Gertjan Ekkelenkamp en Willem de Vries

Albert Post en Gertjan Ekkelenkamp.